BORG-CONTRACT No.311 16 maart 1752 Nw.Pekela.

Persoonlijk gecompareert den E. CORNELSJE HAGEN wed. van SJOURT ROELOFS alhier woonagtig welke verklaarden voor sig en hare erven sig in te laten als Borge, voor eene somma van 520 dico vijf hondert en twintg Car.gld., alleen uit van kragt hare pretentie van soa van 1100 Car.gl. die volgens verzegeling dato den 5de juli 1727 op last over JAN SJOURTS heeft, welke de wed. COSSEMA kragt verzegeling gedateert den 20 januari 1740 nog heeft behouden over de E. SJOURT JANS, dog welke penn. JAN SJOURTS voor sig heeft genoten wordende dies gemelde SJOURT JANS ten vollen ontslagen van die schultij terwijl JAN SJOURTS uit kragt dier genoemde versegelinge sig verbint voor genoemde capitaal 5 Car.gld. op? Co? so jaarlix te verrenten, het eerste jaar rente verschijnende op de 1 maij 1753 en so vervolgens ten tijt van volle voldoeningen blijvende voor tot overige gementioneerde versegelinge voor dit restant in zijn volle kragt. Ten nakominge van het een en ander verhijpothiceren debiteuren elk in solide alle hunne tegenwoordige en toekomende goederen gene exemt dog voornoemde borge alleen haar regt van pretentie over JAN SJOURTS, zonder meedere van haar goederen deselve submitterende an alle hoge en lage geregten en gerigten ook na vooraf gaande informatie van de vrouwelijke Benef. Sen. Cons. vellij. Auth. Siq mulier in so egter dat de commis de STUCDA wegens zijn moeder sig verbint in gedagte borge bij laven niet kis prechen naa haar doot uit haar restant over JAN SJOURTS voor andere ----? alleen in gevorderen die opgeregt en verteke en de debiteuren Borge en getuigen welke waren ALLERT DERX en LAURENT WILKEN NieuwePekela 16 meert 1752. (Bron: Genealogisch onderzoek van R. Kloppenburg)


18-10-2009